Scroll naar boven

Liftend naar Schotland

Liftend naar Schotland
Maria Douwes
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading...

We gingen naar Schotland en we zouden gaan liften, helemaal naar Aberdeen want daar woonde Pauls tante. Al weken van te voren begon ik Schotse liedjes te zingen, de uitspraak van het Schots te oefenen en verheugde me enorm dat ik eindelijk Loch Ness zou zien. Ik kende alleen een lied over Loch Lomond dat aan de westkust in het zuiden van Schotland ligt, iets boven Glasgow en de verhalen over Rob Roy MacGregor die tegen de Engelsen vocht. Voorzover ik weet is er geen lied over Loch Ness. Maar dat mocht de (voor)pret niet drukken.

Bonnie Banks of Loch Lomond

By yon bonnie banks an’ by yon bonnie braes
Whaur the sun shines bright on Loch Lomond
Whaur me an’ my true love will ne’er meet again
On the bonnie, bonnie banks o’ Loch Lomon’.

O ye’ll tak’ the high road, and Ah’ll tak’ the low road
And Ah’ll be in Scotlan’ afore ye
Fir me an’ my true love will ne’er meet again
On the bonnie, bonnie banks o’ Loch Lomon’.

‘Twas there that we perted in yon shady glen
On the steep, steep sides o’ Ben Lomon’
Whaur in purple hue, the hielan hills we view
An’ the moon comin’ oot in the gloamin’.

Thuis in Engeland

Ik kwam al aardig in de stemming. De lang verwachte dag brak aan. We bonden de rugzakken om en daar gingen we. Met de boot staken we over van Hoek van Holland naar Harwich en met de trein naar Londen. Allemaal namen die ik uit films en boeken kende, zag ik ineens voor me: Piccadilly Circus, Trafalgar Square, The Big Ben, The Tower Bridge, Sloan Street. Ik studeerde Engels en vond het heerlijk dat iedereen het sprak. Ik had vier jaar in Australië gewoond en voelde me toch min of meer thuis in Engeland.

Pink Floyd in Hyde Park

In Hyde Park vielen we met onze neus in de muzikale boter: Pink Floyd gaf een gratis concert in Hyde Park. Het park begon al aardig vol te lopen maar we konden nog net een klein stukje gras bemachtigen om met onze rugzakken neer te ploffen. We kwamen met wat mensen om ons heen in gesprek die vroegen waar we vandaan kwamen en wat we van plan waren. We konden bij hen logeren als we wilden. Dat was dus ook meteen geregeld.

De duim omhoog

Het was nog even puzzelen de volgende dag om bij de goede uitvalsweg te komen en om te weten of je daar mocht staan liften. We hadden een stuk karton waar we in het groot Aberdeen op hadden geschreven. De eerste vrachtwagen moest naar Dundee. Dat was in elk geval al een heel eind op weg. Daarvandaan reden we direct langs de kust verder naar het noorden wat werkelijk een prachtige tocht is.

Loch Ness

Na een paar dagen rust en het wachten op beter weer, besloten we om de stoute schoenen aan te trekken en maar gewoon op pad te gaan. Dat hebben we geweten: we liepen twee dagen lang in de stromende regen langs het hele Loch Ness. Gelukkig kregen we aan het eind van de eerste dag een lift van een medewerker van de Loch Ness Investigation. Deze goede man stond dagen achtereen naar het meer te turen met cameras in de aanslag. Loch Ness is een groot, diep meer van 37 kilometer lengte en op het breedste stuk 1,6 kilometer breed. Het diepste punt van het meer is 226 meter. Deze man vertelde dat het heel goed mogelijk is dat ‘Nessie’ , zoals hij het monster van Loch Ness liefkozend noemde, bestaat. Er zijn onderaardse gangen en tunnels onder het meer en het is best mogelijk dat een soort plesiosaurus zich heeft weten te handhaven in deze onderaardse grotten. In Drumnadrochit krijgen we nog uitleg van de foto’s die in het Visitor’s Centre hangen en we zien filmpjes van het monster. Wij willen nu ook graag geloven dat het monster bestaat.

De volgende dag lopen we in de onophoudende regen langs het meer verder tot Fort Augustus. Je kunt ons nu echt uitwringen. Tot op ons ondergoed zijn we nat. Ik weet dat verder naar het oosten nog Loch Oich, het Caledonian Canal, Ceann Loch, Loch Lochy en aan het eind daarvan Fort William te bezichtigen zijn, maar nu ik Loch Ness gezien heb, dring ik niet verder aan. We gaan terug naar Aberdeen.

Rolls Royce met chauffeur

Nadat we goed geslapen hebben, opgedroogd zijn, droge kleren aan hebben, een lekkere warme maaltijd gegeten hebben en onze rugzakken opnieuw hebben ingepakt, gaan we langs de weg staan. We hebben nog maar nauwelijks onze duim in de lucht met het bordje London of daar stopt een splinternieuwe Rolls Royce vlak voor onze neus. Ik doe een stap achteruit want ik verwacht dat iemand zal uitstappen. Dat gebeurt ook. De chauffeur houdt met een vriendelijk gebaar de achterdeur open en vraagt met een hete aardappel in z’n keel: “May I help you, madam?” Ik denk, die man is in de war. Maar nee, hoor. Weer vraagt hij: “Would you care to step in, mylady?” Zonder aan te dringen maar wel duidelijk. Paul en ik kijken elkaar aan met blikken van wat is dit, en uitten een beetje beduusd een “Thank you very much.” Hij zet onze rugzakken in de kofferbak en stapt ook in. Deze hele poppenkast houdt hij vol tot hij ons in Londen afzet bij het treinstation. Geen enkele keer is hij uit zijn rol gevallen. Hij trakteerde ons op een diner en bleef zelf buiten staan. Hij ging thee voor ons halen, serveerde het in de auto op een dienblaadje en bleef zelf buiten de auto zijn thee opdrinken. Wat wij ook protesteerden, hij bleef de perfecte butler/chauffeur. Hij had net zijn werkgevers afgezet bij hun buiten in Schotland en besloot dat hij een paar jonge mensen zoals wij, wilde verwennen. Wij waren ‘flabbergasted’, zoals de Engelsen dat zo mooi kunnen zeggen. We weten nu dat Balmoral Castle, de zomerresidentie van de Britse koninklijke familie vlakbij Aberdeen ligt, maar we zullen nooit weten wie die chauffeur was. We hadden hem graag nog eens willen bedanken.

Wat vind je van dit artikel?

1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading...